Naar een inclusieve boekensector | 'We moeten elkaar samen tot de bestemming brengen'

Maandag 17 september stonden in de KVS diversiteit en inclusie in de literaire sector centraal. Dean Bowen, dichter en programmaleider van het Amsterdamse literatuurpodium Perdu, blikt terug. 'Ik hoop dat het enthousiasme om erover te praten, het handelen niet in de weg zal staan.'
Door deBuren op 1 okt 2018
Tekst
Cultuurbeleid
Literatuur
Dean Bowen aan het werk op de conferentie over een inclusieve boekensector 'Elk verhaal telt'. (c) Michiel Devijver | Iedereen Leest

Het Vlaams Fonds voor de Letteren, Iedereen Leest en verschillende andere partners organiseerden de conferentie Elk verhaal telt. Namens het Overleg Literaire Organisatoren (OLO) gaf Dean Bowen een workshop over de veranderingen die hij de laatste jaren mee in gang zette. Willem Bongers-Dek, voorzitter van het OLO, vroeg hem na afloop van het congres hoe hij terugkeek op de dag.

Dean, allereerst mijn dank voor je straffe workshop. Je hebt aardig wat mensen aan het denken gezet en was een opvallende verschijning. Wat viel jou allereerst op aan de conferentie?
Bowen: Opvallend was de hoeveelheid mensen die op de been was gebracht. Er waren vertegenwoordigers van overheden, uitgevers, literaire platforms, onderwijs, performers en vele anderen die zich onderdompelden in lezingen, workshops en gesprekken om uit te diepen op welke manieren zij op zowel individueel als institutioneel niveau bij kunnen dragen aan de actieve diversifiëring van een maar al te wit veld.

Dat klinkt positief. In je workshop verwees je naar de canon die de KANTL en het VFL samenstelden om via deze lijst de witheid van de literaire sector aan te kaarten. Hoe schat je in dat opzicht de dag in?
Bowen: Precies hierin moeten we de eerste tekortkoming van de conferentie erkennen. Meermaals werd bevestigd dat de sector overwegend wit is, terwijl we te maken hebben met een veranderende culturele dynamiek en de roep om inclusie die door een veelvoud van gemarginaliseerde groepen steeds sterker klinkt. Hoewel de leerlingen van het Imelda-Instituut aanschoven bij de gesprekstafels, was er verder geen adequate vertegenwoordiging van deze groepen tijdens de conferentie. Daardoor wordt de huidige tekortkoming gereproduceerd.

Is dat volgens jou uniek voor de Vlaamse literaire sector?
Bowen: Nee. Er is een duidelijk negatief verband tussen intenties en resultaten van dit soort conferenties: ze slagen er structureel niet in de diversiteit te bereiken die ze ambiëren.

'Zelfkritiek is noodzakelijk voor zelfverbetering' 

Zie jij een oplossing voor dit probleem?

Bowen: Meer nog dan het boeken van sprekers uit gemarginaliseerde groepen moeten we strategieën ontwikkelen die de nu nog zo onzichtbare doelgroep als publiek en participant aan weten te trekken. Hierbij kun je denken aan een systeem waarin je deelnemende organisaties verplicht om los van hun vaste vertegenwoordiging en personeel ook altijd een gast uit te nodigen die uit een gemarginaliseerde groep afkomstig is. Zodoende zet je actoren ertoe aan om buiten de eigen netwerken te zoeken naar andere relevante partijen en personen die zich in de periferie van de sector bewegen.

 

Dat klinkt als een interessante piste voor de toekomst. Heb je nog een tip voor de programmering van dergelijke conferenties?

Bowen: Ik begrijp nut en noodzaak van de presentatie van best practices maar een terugkerend probleem is dat deze lezingen of presentaties regelmatig weinig meer zijn dan schaamteloze zelffelicitatie. Ik mis dan de zelfkritiek die noodzakelijk is voor zelfverbetering. In dat opzicht viel me vooral de presentatie door Siena Parker van Penguin Random House tegen. Tijdens haar presentatie viel me opnieuw op hoe gevaarlijk het benoemen van best practices kan zijn, wanneer deze alleen dienen als borstklopperij en niet worden ingezet als springplank naar het gesprek dat hieruit dient te volgen.

 

Tijdens je workshop gaf je al aan dat diversiteit vaak leidt tot ‘explosieve gesprekken’ en ook in ons gesprek is jouw engagement duidelijk voelbaar. Welke slotwoorden wil je met ons delen?
Bowen: Met deze conferentie is er een belangrijke eerste stap gezet en ik hoop dat er een waardige opvolging komt. Ik hoop vooral dat het vandaag duidelijk voelbare enthousiasme om te praten over dit onderwerp het handelen zelf niet in de weg zal staan. We hebben allemaal een verantwoordelijkheid om de ingeslagen route niet alleen te bewandelen, maar om elkaar samen tot de bestemming te brengen.

 

Dean, veel dank voor dit gesprek. Ik hoop dat je met enige regelmaat in Vlaanderen zult zijn om je inzichten met ons te delen.

Dean Bowen tijdens de literaire afterparty van 'Elk verhaal telt'.

in∙clu∙sie: een werkwoord

Diversiteit is wat je hebt, inclusie is wat je doet, klonk het op de conferentie Elk verhaal telt. De eerste stap tot inclusie zet je door jezelf kritisch te bevragen. Omdat deBuren culturele diversiteit hoog in het vaandel draagt, pende onze student-correspondent Pepijn een verslag neer in vier vragen en twee actiepunten.

 

 

 

 

Vertel het verder: