Wij gaan naar Parijs en nemen mee: Selma Franssen

'Verhoud je vanuit het heden tot een van de fenomenen die de jaren '60 karakteriseren': dat was de opdracht voor de kandidaat-schrijfresidenten 2018. Selma Franssen neemt Joan Didions essay 'Slouching towards Bethlehem' ter hand en doet een opmerkelijke vaststelling.
Door Selma Franssen op 24 jun 2018
Tekst
Literatuur
Schrijfresidentie Parijs
De erfenis van de jaren 60

Het midden valt uit elkaar

 

Wie over het verleden schrijft, heeft het voordeel van de kennis van nu en het nadeel van de nostalgie. Met dat idee in gedachten herlas ik onlangs het artikel Slouching towards Bethlehem van Joan Didion, gepubliceerd in 1967, opgetekend in het Haight-Ashbury district van San Fransisco. Didion was wat we nu waarschijnlijk depressief zouden noemen, maar wat ze zelf omschreef als een staat waarin ze niet kon werken en het gevoel had dat de wereld zoals ze die kende niet langer bestond. Om te leren omgaan met chaos trok ze naar het verloederde Haight-Ashbury, dé verzamelplek voor jonge hippies die met behulp van amfetamines wilden ontsnappen aan hun strenge ouders, een verstikkend schoolsysteem en de realiteit.

In 2018 heeft Joan Didion een eigen Netflix-documentaire, haar verzamelde werken zijn heruitgegeven, ze siert de cover van een fotoboek over legendarische auteurs en hun kledij. San Fransisco huist bijna alle tech-multinationals, een huis in Haight-Ashbury kost 1,5 miljoen dollar. De dodelijk ontevreden jongere verruilde het collectief voor de lone wolf-tactiek, het politiek pamflet voor de YouTube-video, amfetaminen voor een geweer.

In 1967 schokte het beeld van een stonede peuter in Slouching towards Bethlehem iedereen. Het is de keerzijde van de geromantiseerde summer of love die we nu graag vergeten. Toch is het een andere scene die me het meest raakt: die waarin een hippie de numerologie van Didion’s naam ontcijfert tot een dubbel doodssymbool. Waar de passage voor een lezer uit ’67 onzin leek, lees je er vandaag onvermijdelijk een aankondiging van de dood van Didion’s man en enige dochter in. Waarna haar dunne lijf dunner werd, haar eens scherpe blik troebel. Maar ze staat nog overeind, net als haar teksten. Wie Amerika wil begrijpen, moet nog altijd Didion lezen. De symptomen zijn anders, de diagnose blijft dezelfde: het midden valt uit elkaar.

Toch is het een andere scene die me het meest raakt: die waarin een hippie de numerologie van Didion’s naam ontcijfert tot een dubbel doodssymbool. Waar de passage voor een lezer uit ’67 onzin leek, lees je er vandaag onvermijdelijk een aankondiging van de dood van Didion’s man en enige dochter in.

Selma Franssen

Selma Franssen (1988) volgt het postgraduaat Internationale Onderzoeksjournalistiek en is chef redactie bij Charlie Magazine. Voor Charlie maakte ze onder andere de onderzoeksreeks Relaties Anno Nu en met steun van Fonds Pascal Decroos een reeks over kinderen met een intersekse-conditie. Haar columns en artikels werden gepubliceerd in De StandaardDe Morgen en VICE Nederland. In 2019 verschijnt haar eerste boek bij uitgeverij Houtekiet.

www.selmafranssen.nl  

Vertel het verder: