Vrijstaat

Schrijfster en filosofe Sara Kee bezoekt deze zomer verschillende festivals en deelt haar ervaringen: ‘Maybe you want to buy some hash, md, coca, ketamine?’. Lees ook haar openingscolumn, haar koprolcolumn en haar tekst over de contradictio in terminis die Zomer in Nederland heet.
Lees/luister/kijk
Door Sara Kee

Schrijfter en filosofe Sara Kee bezoekt deze zomer verschillende festivals en deelt haar ervaringen: ‘Maybe you want to buy some hash, md, coca, ketamine?’. Lees ook haar openingscolumn, haar koprolcolumn en haar tekst over de contradictio in terminis die Zomer in Nederland heet.

‘Hello, good afternoon!’ roept de jongen enthousiast. Zijn krampachtige glimlach verraadt hoe vaak hij dit vandaag al gezegd heeft. Een paar hoofden draaien zijn kant op. Iedereen heeft stokken in de hand of een stuk plastic, met vereende krachten wordt een partytent opgezet. Lauwe blikken bier staan in het gras, halfleeg, te wachten op hun oververhitte eigenaars, die net achttien uur onderweg zijn geweest. Over een stuk van 40m² liggen tassen, kratten en boodschappen verspreid om hun terrein af te bakenen. Uit de auto klinkt een galopperende beat.

‘Maybe you want to buy some hash, md, coca, ketamine?’ aan het eind van de zin gaat zijn stem omhoog, hij rekt het vraagteken als om het kracht bij te zetten. ‘Bad timing my friend,’ zegt iemand uit de groep, hij maakt een armgebaar naar de rotzooi om hen heen. ‘Come again later.’ ‘Bom bom,’ groet de jongen, zijn glimlach is meteen verdwenen. Hij draait zich om, snel op zoek naar betere klanten.

Dit is Ozora, een festival met alleen maar trance op het menu. Uit alle hoeken van Europa rijden hippies erheen in hun zelf geschilderde bussen. Samen vormen zij de karavaan, de familie. Velen kennen elkaar van reizen naar India en Thailand of natuurlijk van vorige festivals. Het reizen heeft ze slank en sterk gemaakt, vanzelfsprekende ontspanning straalt van hen af. Ze zijn bruinverbrand, met dreadlocks en hennahaar, de meisjes in elfjeskledij en de mannen met giletjes over hun blote bast. Ze zien er blij en blakend gezond uit alsof ze elke dag yoga doen. Wat een wonder mag heten, want een trancefestival is een fysieke uitputtingsslag met vaak enige doorwaakte nachten, onregelmatig eten, urenlang dansen en het nodige drugsgebruik.

Dat laatste is op vrijwel elk festival een feit, zeker als de ondertitel ‘Psychedelic Tribal Gathering’ luidt. Het psychedelische heeft niet alleen betrekking op de muziek, maar vooral op de beleving. Alle voorwaarden zijn hier geschapen om een paar dagen ongenuanceerd uit je hersenpan te spacen. Hoewel zeker niet iedereen ze gebruikt, geldt de aanwezigheid van drugs als doodnormaal.

Is dat geen garantie voor een narcistische chaos? Verdovende middelen zijn immers verboden, ongezond en niet per se gezellig: na een onnatuurlijke high volgt een onvermijdelijke down. En ... waar illegale waar is, is illegale handel.

Zodra de eerste auto’s binnenrijden is de markt geopend. Wie hier is om wat te verdienen, gaat meteen aan het werk. Naarmate het festival vordert zullen de prijzen enkel dalen. Op de laatste dag gaat alles voor een bodemprijs de deur uit, niemand wil zijn smokkelwaar mee terugnemen.

Het verschilt per festival hoe ‘out in the open’ de handel is. Soms wordt er enkel fluisterend naar een bepaalde tent gewezen. Maar het gebeurt ook dat dealers met een tafeltje langs het pad gaan staan en daar rustig al hun spulletjes uitstallen. Als marktkooplui schreeuwen ze rond wat ze in de aanbieding hebben: ‘Everything!’ De laconiekheid waarmee ze dat doen heeft in eerste instantie iets verontrustends, het mag immers niet, maar tegelijkertijd scheppen zij met hun gedrag een precedent: hier mag alles.

Het festival als vrijstaat. Alsof het feest niet op het land maar tussen de wolken plaatsvindt. In de strengste zero tolerance-staten, pal naast diepkatholieke of zwaar islamitische dorpen, wordt meer dan een oogje toegeknepen. Er zijn op veel festivals zelfs tenten waar je drugs kan laten testen of hulp kan zoeken bij een bad trip. De lokale politie ziet dat toch ook op de festivalplattegrond? En anders kunnen ze er over lezen op de website, waar uitgebreid gewaarschuwd wordt voor vervuilde drugs of het gebruik van ghb.

Natuurlijk worden hier en daar officials afgekocht, maar er gelden ook zekere ongeschreven regels. Genoeg mensen bij elkaar verwerven rechten, als groep sta je sterk. Er is simpelweg geen overheidscapaciteit om iedereen te fouilleren en ook niet de wil. Alsof men zich realiseert dat het maar beter is dat de aanwezigen op deze manier wat stoom afblazen, zodat ze de rest van het jaar brave burgers zijn.

Een chaos veroorzaken al die gedrogeerde mensen zeker, maar met narcisme en egoïstisch gedrag heeft het weinig te maken. Mijn ervaring is dat de paar dagen van zorgeloze vrijheid de feestgangers in een danig goed humeur brengt dat alle grootsteedse hufterigheid wordt afgeworpen. Bewust rekening houden met anderen lijkt vanzelf te gaan.

Zo loopt bijvoorbeeld een groot deel van de aanwezigen op blote voeten, wat op iedereen een beroep doet geen glas of andere scherpe voorwerpen te laten vallen. En dat lukt wonderwel. Net als peuken die door rokers niet op de grond worden uitgestampt, maar netjes in een speciaal asbakkokertje gaan. Daar zouden de meeste mensen thuis niet over peinzen. Toch gek dat ze er in hun roes wel bij stil kunnen staan. Drugs draagt bij aan het beleven van een zekere tijdloosheid. Haast verdwijnt tegen de achtergrond van een prettige beleving van het heden. Het gevoel van noodzaak waarmee we normaal ons handelen rechtvaardigen lost op. Geduld maakt ons aardig en aanspreekbaar. We luisteren in plaats van meteen een antwoord klaar te hebben.

Om te beweren dat een psychedelisch festivalbezoek met dito drugsgebruik gezond is, gaat misschien een beetje ver. Laat ik het er daarom op houden dat een paar dagen love, peace and happiness een verademing zijn. Het is de totale sfeer die dat teweegbrengt en die kan je zonder enig risico opsnuiven.

Sara Kee (1984) is schrijfster en filosofe. Ze schreef voor De Groene Amsterdammer, maakte de documentaire Wavumba - zij die naar vis ruiken en reisde de hele wereld rond. Haar eerste bundel reisverhalen verscheen onder de titel Reis! Alleen over de wereld (2012). Lees verder op www.sarakee.nl. Deze columns verschijnen in samenwerking met hard//hoofd.

Vertel het verder: