Het Nieuwe Seksuele Leven van de Belgen

Tegenwoordig heeft iedere Vlaming potentieel bloed in zijn kelder en krijgen programmatitels als De Kinderacademie, Tienerklanken, Binnen en Buiten en Hoger Lager ineens een rare bijsmaak ... Vitalski vraagt zich af: 'Vinden de buren dat ik, omdat ik een vrijgezel ben, lijk op Ronald Janssen? Ben ikzelf op het werk toch ook niet per ongeluk een soort Pol Van Den Driessche?'
Door Vitalski op 19 jun 2012
Tekst
Politiek & samenleving

In de jaren '90 waren de Belgische immoralisten een planeet apart. Ze namen confituurbaden en organiseerden seksorgiën in een champignonkwekerij in Steenokkerzeel. Hun gezichten waren ons bekend, zelfs ex-premier Martens werd een perverse hoofdrol toebedeeld, maar de getuigen waren schizofrener dan het konijn van Fukushima. Vandaag worden in Vlaanderen vooral juist de brave huisvaders geviseerd, hardwerkende mensenrechtenspecialisten als Vande Lanotte of brave rekenmachines als Muyters, in wie je, zuiver mensenkennismatig, geen greintje kwaad vermoeden kan. Tegenwoordig heeft iedere Vlaming potentieel bloed in zijn kelder en krijgen programmatitels als De Kinderacademie, Tienerklanken, Binnen en Buiten en Hoger Lager ineens een rare bijsmaak ... Welke kant zal het rad van fortuin opdraaien voor de Vlaming van de toekomst?

'I'm not saying this just to be nasty, I sincerely wonna fuck the taste out of your mouth.' Zelfs tijdens de hoogdagen van het AIDS-tijdperk slaagde Prince erin om met dit soort agressieve vuilbekkerijen de wereldmarkt in te palmen. Rocksterren dragen nu eenmaal beroepshalve wat de intussen weliswaar onterecht weer verguisde sociologe Camille Paglia noemt een 'seksueel masker': hun publieke uitspattingen geven lucht aan alle verborgen geile behoeften van de massa bij elkaar. Van het belegen Tom Jones-ritueel, die nu al decennia lang bij iéder concert honderd gebezigde damesslipjes naar zijn schoenpunten krijgt geworpen, tot de groepsseks- en drugsorgiën van Mick Jagger: de superster wordt dat alles met graagte vergeven.

En dat impliceert niet eens per definitie de bereidwilligheid van alle betrokken partijen. Meer dan dertig jaar geleden werd een Engelse, steeds anoniem gebleven mevrouw blind aan haar rechteroog: doordat haar onverwacht, zonder enige aanleiding, een vol bierglas naar het hoofd gesmeten werd – boosdoener van deze operatie, Sid Vicious van de Sex Pistols, hangt tot vandaag toe net zo lief als een grote held te koop in iedere betere t-shirtboetiek. Keith Moon. de op zich al wel vervelende drummer van The Who, is voor tallozen een icoon gebleven, ook toen wereldkundig werd hoe hij de moeder van zijn kind meermaals met een gebroken neus het ziekenhuis in sloeg. Zijn boetes werden betaald door zijn platenlabel.

Hoe anders de wereld van Pol Van Den Driessche. Voor Nederlanders verklaard: een tot voor kort zeer beloftevol Vlaams politicus, die zopas evenwel integraal werd vermorzeld door aantijgingen van seksuele intimidatie op het werk, bijzonderlijk jegens ondergeschikten, inclusief getuigenissen van meer dan twintig jaar terug. Pol Van Den Driessche, werd duidelijk, heeft minder speelruimte dan Mick Jagger. Hoewel het voor beiden nu niet meer haalbaar is om nog naar de bakker te gaan. De verdedigers van Van Den Driessche noemden het monstrueus wanneer hun mannetje in één adem vermeld werd met de effectief van erger misdrijven betichte Strauss-Kahn maar let wel: de veel minder zware akkefietjes van Van Den Driessche zijn praktisch bewezen, onderwijl D.S.K. officieel vooralsnog vrijuit gaat. Dus juist voor D.S.K. is de vergelijking in feite compromitterend.

België heeft nog maar pas korte metten gemaakt met de wat infantiele karikatuur van de slechterik. Alleen ogenschijnlijk was Marc Dutroux in de Belgische criminologie een mijlpaal, en al helemaal niet in 's lands frenologie. Zijn grove snor en zijn verdwaasde blik zijn een vervolg op de scherpe, duistere baard van de koele vrouwenmoordenaar Landru, op eigen beurt een voortzetting van Blauwbaard, dus het sprookje. Meer hybride, minder meteen als gevaarlijk herkenbaar het 'Monster Van De Ardennen', Fourniret, meteen na Dutroux. Als een overgangsfiguur tussen naïef geschilderd én realistisch leek hij wel zonderling mager en koud, maar kon je hem tegenkomen in een beschaafde woonwijk. Pas met Belgiës meest recente lustmoordenaar, de zeer alledaags genaamde Ronald Janssen, niet uit Wallonië maar Vlaanderen, heeft, in ons collectieve onderbewuste, de 'gewone buurman' als ultieme horror zijn entree gemaakt. In de enige filmopname die we van hem kennen, staat hij lachend met vrienden aan de toog van zijn stamkroeg. De kranten wisten ons te melden dat hij, als leraar technisch tekenen, daags na zijn laatste dubbelmoord netjes gekleed in zijn klaslokaal naar binnen kwam.

Sinds Dutroux is het niet meer aan te raden om in een speeltuin of een stadspark een onbekend kind teder aan te spreken. De actieradius voor spelende kinderen is op twee generaties tijd gedecimeerd. Wij mochten met onze go-carts nog tot juist voorbij het dorp, de kids van vandaag komen hun achtertuin niet meer uit. Zelfs onze crèches moeten nu met camera's worden bewaakt. En we zijn bang, niet alleen van elkaar, maar ook van ons eigen imago. Vinden de buren dat ik, omdat ik een vrijgezel ben, lijk op Ronald Janssen? Dat is een groteske zelfpeiling, maar meer reëel en acuut is voor de Vlaming heden wél de vraag (het spijt mij om die twee namen hier in één zin te verbinden): ben ikzelf op het werk toch ook niet per ongeluk een soort Pol Van Den Driessche? Heb ik ook zelf, misschien ook twintig jaar geleden alweer, in een dronken bui tijdens een vergadering allerlei schunnigheden uitgestoken? Vond die secretaresse dat leuk – of natuurlijk juist helemaal niet? Dus niet alleen het profiel van de misdadiger, ook onze morele grenzen zelf zijn een beetje wazig geworden.

Zelfs de ideale schoonzoon ziet er in het Vlaanderen van vandaag nog te gevaarlijk uit – vandaar dat op de Vlaamse televisie zelfs culturele programma's alleen nog worden gepresenteerd door kort gekapte sportjournalisten. Nu we allen zo ongelooflijk erg op elkaar zijn beginnen lijken, is het van levensbelang om ons van moreel glibberige figuren zo scherp en duidelijk het maar kan te distanciëren. Vandaar op de televisie over Van Den Driessche zijn beste vriend Guy Polspoel: 'Iedereen op de redactie ergerde zich natuurlijk aan zijn puberale gedrag. Maar of hij nu nog mijn vriend is, dat weet ik eigenlijk niet. Ik heb hem in ieder geval nog niet opgebeld.'

Vertel het verder: